Naar hoofdinhoud
    FFundering.help
    AanmeldenStart Fundering check · €9,99
    Check fundering

    Funderingstype

    Strookfundering: werking, dimensionering en risico's

    De strookfundering is de meest voorkomende vorm van fundering op staal in Nederland: een doorlopende betonnen strook van 40–80 cm breed direct onder dragende muren. Goedkoop, bewezen, en gevoelig voor wisselingen in de ondergrond.
    Doorsnede van een doorlopende strookfundering onder een gemetselde muur

    Hoe werkt een strookfundering?

    De strook ligt op de draagkrachtige bodem (vaak zand) en verdeelt het muurgewicht over een grotere oppervlakte. De gronddruk onder de strook moet beneden de toelaatbare waarde van de bodem blijven, voor goed zand circa 200–400 kPa, voor stevige klei 100–200 kPa. Tussen muren is geen fundering nodig: de begane grondvloer rust ofwel op zand (zandbed) ofwel op een aparte vloerplaat. Diepte: vorstvrij, dus minimaal 60 cm onder maaiveld, in de praktijk 80–120 cm.

    Wanneer wordt een strookfundering toegepast?

    Standaard bij bijna alle vrijstaande en twee-onder-een-kapwoningen op zandgrond, jaren '70 en later. Ook onder garages, schuren en aanbouwen, daar vaak in een ondiepere variant: de vorstrand. In Brabant, Limburg, Gelderland, Drenthe en Overijssel is dit het dominante funderingstype.

    Strookfunderingen per bouwperiode

    Vóór 1945: meestal niet aanwezig, woningen werden veelal direct op puinkoffer of metselwerkfundering geplaatst. 1945–1970: betonnen strookfundering verschijnt, vaak ongewapend en zonder NEN-controle. Kwaliteit varieert sterk per regio en aannemer. Na 1970: gewapende strookfundering volgens NEN, gestandaardiseerde maatvoering. Veel consistenter in kwaliteit.

    Aandachtspunten bij een strookfundering

    Een strookfundering is goedkoop en bewezen, maar onverbiddelijk gevoelig voor wisselingen in de ondergrond. Een strook over een dichtgegooide sloot, een kleilens of een ophooglaag van puin kan plaatselijk wegzakken, met scheurvorming bovenop. Zie hoogteverschillen in de fundering voor wat u kunt zien aan de buitenkant.

    Veelvoorkomende problemen met een strookfundering

    • Lokale wisseling in grondsoort (klei-lens, oude geul), verschilzetting.
    • Lekkende riolering die fijn zand wegspoelt, holte onder strook.
    • Klink van klei bij langdurige droogte, verlies van ondersteuning.
    • Verzwaring boven de fundering (extra verdieping, betonvloer) zonder versterking.
    • Aanbouw met eigen fundering die anders zet dan de bestaande.

    Herstel van een verzakte strookfundering

    Bij beperkte zetting volstaat soms jet grouting, harsinjectie of een andere vorm van grondverbetering. Bij grotere schade is onderbouwen met palen (stalen buispalen of schroefpalen) de bewezen aanpak, zie herstel-technieken.

    Veelgestelde vragen

    Deel deze pagina

    Verder lezen